HDL-cholesterol
Ook bekend als: HDL, high-density lipoprotein
Cholesterol verpakt in 'high-density' deeltjes. Vaak het 'goede cholesterol' genoemd, hoewel de werkelijkheid genuanceerder is.
HDL-cholesterol streefwaarden (mmol/L)
- Mannen: > 1,0
- Vrouwen: > 1,2
- Ongunstig laag: < 0,9
- Zeer hoog (geen extra bescherming): > 2,5 (mannen), > 2,8 (vrouwen)
Bron: NHG-CVRM. Voor het bredere streefwaarden-overzicht: cholesterol streefwaarden.
HDL staat voor “high-density lipoprotein”. HDL-deeltjes vervoeren cholesterol terug naar de lever, waar het wordt afgebroken of opnieuw gebruikt. In de volksmond heet HDL het “goede cholesterol”.
In epidemiologische studies hoort een hoger HDL bij een lager risico op hart- en vaatziekten. Maar interventies die specifiek HDL verhogen, hebben in trials geen klinisch voordeel laten zien. Het lijkt erop dat een hoog HDL eerder een marker is van een gunstig algemeen profiel dan een directe oorzaak van bescherming.
Een laag HDL kan dus signaleren dat het bredere lipidenprofiel om aandacht vraagt. Het zelf “verhogen” via medicatie is geen behandelstrategie.
Kan HDL te hoog zijn?
Lange tijd dachten artsen dat hoger HDL altijd beter was. Recente prospectieve cohort-studies (CANHEART, UK Biobank, Copenhagen General Population Study) laten zien dat zeer hoge HDL-waarden, ruwweg boven 2,5 mmol/L bij mannen en boven 2,8 mmol/L bij vrouwen, geen extra cardiovasculaire bescherming geven en zelfs licht geassocieerd zijn met verhoogde sterfte aan andere oorzaken. Een doel van “zo hoog mogelijk” is daarom niet langer logisch.
Praktische punten:
- Een HDL boven het normale gunstige bereik vraagt geen specifieke actie of medicatie.
- Zeer hoge waarden kunnen wijzen op zeldzame genetische varianten (bijvoorbeeld CETP-deficiëntie). Een toevallige bevinding hoeft geen zorg te zijn, maar bespreek het met de huisarts als het opvalt.
- HDL-verhogende medicatie zoals niacine of CETP-remmers heeft in trials geen risicoreductie laten zien. “HDL omhoog” is daarom geen klinisch behandeldoel.
- Voor risicobepaling tellen LDL, non-HDL of ApoB zwaarder dan HDL alleen.
Verder lezen
De totaal-HDL-ratio wordt soms als samenvattende risico-indicator gebruikt, maar is bij verhoogde triglyceriden minder bruikbaar dan ApoB of non-HDL. Lees cholesterol-ratio voor uitleg over wanneer die ratio wel en niet zinvol is. Voor de bandbreedtes en streefwaardes per marker: cholesterol streefwaarden. Voor de discussie over LDL versus deeltjes-aantal: /onderwerp/discordantie. Voor ApoB als sterkere primaire indicator: /onderwerp/apob.